De Saroleastraat was in de jaren vijftig de belangÂrijkste straat tussen Hoensbroek en Heerlerbaan of tussen Sittard en Kerkrade. In 1975 persten zich meer dan 30.000 voertuigen per etmaal door het centrum van Heerlen. De kruising van de doorgetrokken Saroleastraat en de Geleenstraat was een van de drukste punten van Heerlen. Maar de rijkdom van ‘De Sarool’ is zichtbaar gebleven in de vele bouwstijlen die het straatbeeld tot op de dag van vandaag bepalen.
In de negentiende eeuw ontstaan de zogenaamde ‘neostijlen’ en werden de voorbeelden van de Klassieken, de MiddelÂeeuwen en de Renaissance richtinggevend voor de manier van bouwen.
De Saroleastraat maakte deel uit van een villawijk voor de urbane elite. De architectuur was een staalkaart van deze stijlen. Veel woningen werden verbouwd tot winkel waarbij de woning naar achteren of naar boven verhuisde.
Sommige panden hebben daardoor oorspronkelijk een driedeling met etalage, een huisdeur en een winkeldeur.
Saroleastraat 1 en Saroleastraat 40 en 42 (nu Etos) waren vergelijkbare panden ontworpen door een en dezelfde architect. Op de begane grond was de winkel met daarnaast een ‘doorvaart’.
Van Kan gebruikte deze functionele driedeling in gevels en balkons en gaf ze een bekroning in de vorm van drie dakkapellen.
Onder de daklijst bevindt zich een decoratieve draperie met links en rechts een krul- of spiraalÂvormige versiering als een rolschelp (voluut) kenmerkend voor een Ionische zuil.
Middenin zijn versieringen van bloemen- of fruitmandjes aangebracht (symbool van gelukkig leven maar ook van de eindigheid van het leven).