Het woonhuis Vincken staat symbool voor het toegenomen zelfbewustzijn van de groeiende middenstand in de jaren 1920 in Hoensbroek. Het ligt nabij de karakteristieke splitsing van de Hoofdstraat, de Amstenraderweg, de Kouvenderstraat en de Nieuwstraat (nu het enkele jaren geleden vernieuwde Gebrookerplein).
Het huis dateert uit de 20-er jaren van de vorige eeuw en getuigt nog steeds van het aanzien dat deze familie toen genoot en wilde uitstralen.
Dat blijkt ook uit het feit dat deze familie op die plek, tegenover het pand, in het hart van Hoensbroek, in 1921 een hardstenen kruis met rustaltaar liet plaatsen.
Het betreft een dubbel woonhuis op een basement, waarin een leerhandel was gevestigd. In feite zijn de beide woningen niet hetzelfde. De linker woning is groter dan de rechter;
de ramen in de middenas behoren tot de linker woning die ook een grotere en voornamere voordeur heeft.
Door de verheven plaatsing op een onderbouw met een overdekte dubbele trappartij en een bekroning met een timpaan en twee neobarokke dakkapellen getuigt het pand nog steeds van de ambities van de opdrachtgevers.
Wel is de architectuur ernstig aangetast door een onjuiste kleurstelling en ook door de gewijzigde vensters en de rechter voordeur.
In 1961 is de versiering op de pilaren van het balkonhek op de tweede verdieping verwijderd.
Tegelijk met de bouwaanvraag voor dit pand vraagt de heer Vincken vergunning aan voor de bouw van het pand rechts naast het Vinckenhoes. Het winkelpand met bovenwoning ligt hier nog.






