In de strijd tegen de woningnood hadden grootschalige stadsÂuitbreidingen stad en land aangetast. De vele galerijflats illustreren dit.
De regering bevorderde in de jaren zeventig experimentele woningbouw. Dubbelgrondgebruik, de woonerfÂgedachte, nieuwe schakelingen, overdekte straatjes en gemeenschappelijk wonen vinden enthousiast navolging.
Er kwam ruimte voor verschillende typen woningen in laagbouw, gestapelde laagbouw en hoogbouw. Tussen de stadsautoweg en de Benzenraderweg projecteerde Laurens Bisscheroux experimentele woningen. Dit project ging niet door.
De terraswoningen aan de Dillegaard komen min of meer hiervoor in de plaats. Met piramidale opbouw, speelse sprongen, V-vormige balustrades, deels ronde vormen en variatie in de gevel probeert architect Bart Wauben de menselijk maat terug te brengen.
Deze ‘shelter-architectuur’ wil een gevoel van geborgenheid geven. De terraswoningen zijn een integraal onderdeel van de randzone met veel groen en fijnzinnige clustering.
Zij schermen de wijk visueel en geluidstechnisch af van de snelweg.
Sommige terraswoningen hebben aan de kant van de snelweg een ‘dove gevel’. De keuze van een corridor die van buiten niet zichtbaar is biedt architectonisch ludieke mogelijkheden maar wordt ook wel als een beetje kafkaiaans ervaren.
De woonomgeving bestaat uit een woonerf met wandelpaden die aansluiten op het gebied rond de Weltervijver en basisschool de Tovercirkel.