Toen de grootschalige woningbouw zoals die in de Bijlmermeer en in de Vossekuil, eind jaren zestig had afgedaan, werden er andere kleinschalige experimentele woonvormen bedacht. Het Europese motto ‘low-rise and high-density’ werd een veel belovend uitgangspunt.
Onder leiding van de Heerlense stedenbouwkundige Manfred Broseit, werden op verschillende plaatsen groepjes patiowoningen gebouwd.
Eerst in het Sintermeertenshöfke en de Kommert in Welten, later in Douwe Weien en de zogenaamde schil van Giesen-Bautsch.
Het kostte heel wat hoofdbrekens om de meestal L-vormige woningen rond een binnenplaats zo te situeren dat alle woningen voldoende zonlicht zouden krijgen.
In het pré-computertijdperk werd daarvoor een grote toneelschijnwerper, een flinke tekentafel, piepschuimblokjes en lichtdrukpapier gebruikt.
De kubische woningen waren levensloopbestendig, hadden veel vertrekken op één niveau, royaal licht en ruimschoots privacy. De architectuur heeft als kenmerken rode baksteen, schuine lijnen, bloemÂbakken en voor enkele ramen ajour gemetselde versiering.
De architectuur van de Nederlands-Libanese architect Ghazi Ghrizi (1938-2024) is beïnvloed door Oosterse bouwstijlen. Het ontwerp bestaat uit uiteenlopende woningplattegronden. Sommige slaapkamers hebben een ligbad. De binnenmuren zijn gemetseld met in het zicht blijvende betonblokjes en de platte daken zijn gemaakt van gasbeton.
Het gebied omvat centrale parkeerplaatsen, autovrije straatjes, zorgvuldig uitgezochte bomen, en sierende bestratingspatronen.
Kenmerk van het structuralisme is een imaginaire wereld in eenzelfde patroon met veel groen, rustige zitplaatsen, sfeerverlichting en gezellige speelruimte.