In 1926 werd door het Ondersteuningsfonds van de Staatsmijnen een bouwvergunning aangevraagd voor het bouwen van een winkel-woonhuis met bakkerij en vier winkelhuizen met woningen aan de Akerstraat-Kouvenderstraat in Hoensbroek, recht tegenover de ingang van de Staatsmijn Emma.
In het hoekpand van deze serie zou het 156ste filiaal van De Gruyter gevestigd worden. Voor de vormgeving hiervan tekende de huisarchitect van de Gruyter, W.G. Welsing.
In deze De Gruyter zijn vooral de originele delen van de beneden winkelpui (voor zover nog zichtbaar na werkzaamheden aan de gevel) de moeite waard; blauw geglazuurde sierbetegeling (‘Delfts blauw’) met reliëfs als bekroning. Omdat veel van de oorspronkelijke blauwgroene belettering is verdwenen, verdient dit soort erfgoed extra aandacht.
Uit het archief van aardewerkfabrikant De Porceleyne Fles (Delft, sinds 1652) blijkt dat de materialen voor de winkelpui in 1927 in Hoensbroek zijn geleverd.
Grootgrutter De Gruyter bestaat al sinds 1976 niet meer. Maar eens was het een begrip in Nederland.
De winkelketen werd ook lang gezien als ‘katholiek’, terwijl protestanten vaker bij de concurrent Albert Heijn kochten.
Architect Welsing (1848-1942) heeft als huisarchitect van De Gruyter veel winkels ontworpen in Art Deco-stijl en maakte daarbij ook vaak gebruik van tegels van de Porceleyne Fles. Ook elementen van de Amsterdamse
School keren regelmatig terug in zijn panden.
Dit winkelpand heeft perioden van leegstand en achteruitgang gekend. Het lag er lang verwaarloosd bij. In 2016 is het weer in gebruik genomen, nu als kapperszaak.






