Niet alleen de mijnwerkers woonden in koloniën maar ook voor andere beroepsgroepen werden koloniën gebouwd.
Zo werd voor het spoorwegpersoneel een kolonie gebouwd in Eikenderveld. Deze kolonie is inmiddels een beschermd stadsgezicht.
De kolonie is in vier fasen gebouwd tussen 1912 en 1927, in opdracht van de coöperatieve woningÂbouwvereniging ‘De Samenwerking’, een woningbouwvereniging voor spoorwegpersoneel.
De huizen uit fase één, ontworpen door architect H. Wijsbek, zijn in 1980 afgebroken. Dat geldt ook voor de woningen uit fase twee.
De huizen uit fase drie (1921-1922) en vier (1926-1927) zijn bijna allemaal ontworpen door architect N.J. van Tienen uit Maastricht, die ook het stratenplan heeft ontworpen.
Alle straten in deze wijk leiden naar een centraal punt.
De in baksteen opgetrokken panden hebben allen een plint van kunradersteen met boven de ramen een zogenaamde hanenkam (rollaag). Typerend voor deze rijtjes woningen zijn de tuitgevels van de kop woningen met een trapmotief van kunststeen.
In de Laanderstraat staan acht woningen uit 1905 die bestemd waren voor personeel van de Nederlandse Maatschappij voor Mijnkundige Werken.
Het feit dat er in 1912 in de zogenaamde spoorwegÂkolonie (oorspronkelijk alleen voor spoorwegÂpersoneel) een café werd gebouwd naar een ontwerp van architect Joseph Seelen (1871-1951) geeft aan dat de rooms katholieke kerk geen invloed had in de wijk. Hier was het de socialistische woningbouwvereniging ‘De Samenwerking’ die bepaalde wat kon en wat niet.
Eikenderveld mag een echte volkswijk genoemd worden waar nu iedereen mag wonen.