Het pand, dat van 1902 tot 1904 gebouwd is als woonhuis voor de Heerlense steendrukker J.W.E. Jongen bestaat uit twee bouwlagen met een mansarde-zadeldak, gedekt met gesmoorde Muldenpannen.
Aan de gepleisterde voorgevel bevindt zich een geblokte plint met een waterslag, ontleend aan rustiek natuurstenen metselwerk uit de renaissance. Het gevelvlak tussen de plint en de borstwering op de verdieping is voorzien van een regelmatige blokverdeling in halfsteens verband.
De borstwering op de verdieping bestaat uit twee waterÂslagen met daartussen een blokmotief. De gevel van de verdieping is vlak en heeft gestukadoorde venster- en deuromrandingen. Het balkon rust op twee gepleisterde consoles.
De voorgevel heeft drie doorlopende pilasters die de goot/kroonlijst ‘dragen’. De eerste travee van links heeft een topgevel met een halfrond fronton met bloemmotief, dat op een kroonlijst schijnt te staan.
Op het fronton staat een draak, die een wapenschild vasthoudt. Op het dak staan twee kleine dakkapellen, beide met een zinken piron.
De entree heeft een driezijdige opgang van zes hardstenen treden die leiden naar een bordes(je) met een terugliggende toegangsdeur. De twee leeuwen voor de deur bewaken het graf van een Frankische krijger dat tijdens de bouw is gevonden.
De linkerzijgevel is witgeschilderd en heeft een aantal ramen met een gepleisterde omlijsting. De ramen in de rechterzijgevel vallen met hun witte stuclijsten en doorlopende lekdorpel goed op in het antraciete geschilderde geveldeel.
De achtergevel heeft over de volle breedte op de begane grond een moderne aanbouw die door het kleurgebruik goed bij het klassieke pand past.
Momenteel is het pand in gebruik als kantoor van Paulussen Advocaten.